Goff/Benson SuperFly

Deze vlieger is er nu al (minstens) 18 maanden, maar dit jaar is de productie en distributie van de SuperFly aan Tim Benson overgedragen. Tot nu toe is er over de Benson SuperFly nog weinig geschreven dus waag ik een poging.

Bouwkwaliteit en ontwerp

Chris Goff maakte het ontwerp voor deze vlieger en, zoals eerder geschreven, zorgt Tim Benson voor het bouwen ervan. Ik ga verder niet te veel in op de uitzonderlijke, loepzuivere bouwkwaliteit omdat de foto’s op Tim’s website voor zichzelf spreken. Ik wil wel de opmerking maken dat, ondanks de hardcore trailing edge versteviging, vliegers met 1 standoff per vleugel altijd meer last hebben van slijtage rond de connectors doordat het steeds 1 plek is die de grond raakt. Dit los ik zelf altijd op door deze plek van een stukje Tesa Textieltape te voorzien dat bij slijtage vervangen kan worden.

Het is belangrijk te vermelden wat het gedachtegoed is achter de SuperFly. De vliegers van Chris zijn altijd minimalistisch en elegant van aard. De focus ligt bij zijn ontwerpen meer bij de kundigheid van de piloot dan bij andere vliegers. Het paneelontwerp van de SuperFly is een eerbetoon aan een vroegere generatie van onder andere klassiekers als de Phantom, de North Shore Radical en de Midi Sandpiper. Niet alleen de paneelontwerpen zijn inspiratie geweest, maar zeker ook het vliegen met die klassiekers zelf.

6bcd3788-85e9-45da-b637-32a0931b979a_zps02c6e352

Vliegeigenschappen

De SuperFly voelt licht aan de lijnen en is gevoelig voor de wind. De feedback die je krijgt is extreem gedetaileerd. Als je bijvoorbeeld in slechte wind vliegt, blijft de vlieger je daar aan herinneren. In de schaarse momenten dat je besluit de vlieger in te veel wind te vliegen kunnen wah-pads of windbreaks uitkomst bieden. Die zorgen er dan voor dat wat ‘smoothness’ terugkomt.

De vlieger draait en stalled als een echte Benson Trickvlieger: strak en abrupt, met een beetje overstuur. Hij is licht gebouwd en kan dus in weinig wind gevlogen worden. In 7 km/u wind kan je op kortere lijnen al veel lol beleven.

De brede aspect ratio en wijd uit elkaar liggende tow-points maken de SuperFly een erg wendbare vlieger. Hij reageert snel op kleine inputs. Volledige Axels zijn terug en flatspins vanuit verschillende posities maken het tricken ‘fresh’ en ‘floaty’. Tazmachines zijn misschien wel zijn beste move. De vlieger gooit zichzelf echt in de rotatie en blijft horizontaal waardoor de trick er (waar taz’s op andere vliegers soms wat geforceerd ogen) heel dynamisch uitziet.

Het doel was een diepe Backflip en dat is gelukt: Cyniques en multilazies, al dan niet in een Yoyo, zijn binnen handbereik en nodigen uit ermee te experimenteren. Dit maakt het hard en agressief uitvoeren van landingen een uitdaging, want dikwijls eindig je in een stabiele backflip 10 cm boven de grond. Dit is uiteraard grotendeels aan mij als piloot te wijten en er zal ongetwijfeld een trucje voor zijn. Met mijn Cosmic ben ik daar ook nooit consistent mee geworden. De diepe Backflip zorg er ook voor dat stijgende Multilazies en Lifters gedaan kunnen worden. Dit ‘locken’ in de Backflip kan ook, zeker als er nog niet aan gewend bent, voor angstige momenten zorgen omdat de vlieger in minder stabiele wind nog wel eens in zijn achteruit richting aardkloot snelt.

Is de SuperFly makkelijk te vliegen? Mijn mening is: ja. Maar, en ik ben nog lerende, sommige recht-toe-recht-aan tricks hebben bij deze vlieger soms wat meer aandacht en finesse nodig. Multislots zijn hier een voorbeeld van, evenals de eerder genoemde 2 punts landingen. Je laat de vlieger ook best met rus als een rotatie is ingezet omdat de minste correctie grotere gevolgen kan hebben voor het slagen van de trick. Grotere vliegers kan je meestal nog een beetje door tricks heen helpen maar de SuperFly is hier wat gevoeliger in.

b1_zps35a76e59

Anyway… Is het een leuke vlieger? Ja, absoluut. Het gaat bij de SuperFly allemaal om snelle maar vloeiende tricks. Niet verwonderlijk met Chris als ontwerper. Hij verplicht je precieze input geven en veel te bewegen (zowel handen- als voetenwerk) want anders zien tricks er slordig uit. Maar als je ze netjes uitvoert, dan zijn ze ook heel erg ‘clean’ en herhaalbaar. De vlieger heeft me gedregadeerd van “soms heel erg goed” naar “gevorderde amateur”, helemaal prima wat mij betreft. Chris en Tim zeggen dat de vlieger deuren opent naar nieuwe en innovatieve tricks en moves en wellicht hebben ze gelijk. Ik deed in ieder geval nog geen dubbele Jacobs Ladder (1,5 rotatie voor iedere positie), Crazy Copter-backspins of Taz-Cascades voor ik de SuperFly gevlogen had. De nieuwe video van Chris (mei 2013) laat zien dat de vlieger tot niet eerder geziene figuren in staat is (in zijn handen welliswaar).

Dit is verder alles wat ik te zeggen heb over tricks. De tricks die ik niet genoemd heb zijn er gewoon. Sommige mensen vinden wellicht een Fade een beetje moeilijker te ‘houden’ maar of dat een minpunt is weet ik niet. De vlieger moet het hebben van transities en niet van losse posities.

sf4

Het is dus een vlieger die je zeker zal belonen als je de timing en motoriek heb om technische tricks eruit te knallen. Maar, als je kijkt naar de eerdere onwerpen van Chris dan is dit zijn eerste toegankelijke vlieger. De Fury .85 (met KRD) had een ‘attitude’ probleem als het op Axel-to-Fade aankwam en kon niet echt fraaie Lazies. Hij was ook te zwaar. De Element laat zicht het best omschrijven als een curieus ‘retro/fusion’ experiment. De SuperFly daarintegen is niet als een freaky jazzplaat die je eerst tig keer moet horen voordat je ‘m snapt. Hij zit in Tim Bensons assortiment en die zou de vlieger niet opnemen als hij alleen de Goff’s van deze wereld zou bekoren. Het is gewoon een erg goede vlieger.

Chris en Tim: bedankt!

Geschreven door Al (Infinitive) voor Fractured Axel en met toestemming van de schrijver vertaald en gepubliseerd.

Specs
Stijl: Trick/ Freestyle/ Competition
Frame: Skyshark P200, 5PT, P400
Zijl: Icarex
Toom: Static 3 point
Spanwijdte: 2.22m
Gewicht: 238g (incl. 19g staartgewicht)
Windbereik: 4-25mph